Ik accepteer

Deze winkel maakt gebruik van cookies en andere technologieën zodat wij uw ervaring op onze sites kunnen verbeteren.

Madeirasuiker: de suikerroute die Funchal met Brugge verbond

In een vitrine in Funchal staat een kegel geharde suiker, grijswit, zo hoog als een onderarm. In die vorm ging de suiker van Madeira aan boord, met bestemming Brugge en Antwerpen.

Hij oogt onooglijk: een kegel geharde suiker, grijswit en dof, in een vitrine van het museum A Cidade do Açúcar in Funchal. Toch is het geen sierstuk. Het is de vorm waarin suiker reisde, lang vóór zakjes en dozen: een pão de açúcar, een suikerbrood, dat met een hamer werd gebroken en zo nodig geraspt. Meer dan een eeuw lang staken die kegels de oceaan over, van Madeira naar de kaaien van Brugge en Antwerpen.

Een eiland waar niemand woonde

Wanneer Portugese schepen in de jaren 1420 bij Madeira aanleggen, is het eiland leeg: geen dorp, geen akker, geen bewoner. Alles moet er van nul worden opgebouwd. Al in de jaren 1430 laat infant Hendrik de cana-de-açúcar planten, het suikerriet uit het Middellandse Zeegebied. Het reliëf is steil, vochtig en doorsneden met ravijnen; men hakt er terrassen uit en graaft er levadas, de irrigatiekanalen die de hellingen vandaag nog doorkruisen.

Het hoort bij hetzelfde verhaal, dus we zeggen het zonder omweg: die suikereconomie steunde op het werk van vrouwen en mannen die tot slaaf waren gemaakt en uit Afrika werden aangevoerd. De suiker van Madeira was niet voor iedereen zoet.

1472: de suiker vaart rechtstreeks naar Vlaanderen

In de 15de eeuw is suiker geen levensmiddel maar een luxeproduct, per gewicht verkocht en bij de apotheker bewaard, naast de specerijen. Madeira wordt een van de grote leveranciers van Europa, en vanaf 1472 vaart de suiker rechtstreeks naar Vlaanderen, toen het belangrijkste herverdelingscentrum.

De suikerbroden reizen in houten kisten, gemaakt van eilandhout: vinhático en til. Ze vertrekken uit Funchal, klimmen de Atlantische Oceaan op en worden gelost in Brugge, later in Antwerpen wanneer de Brugse zeearm dichtslibt. Van daaruit gaan ze heel Noord-Europa in. Anders gezegd: de Portugese suikerroute liep door onze havens, en dat deed ze vijfhonderdvijftig jaar geleden al.

Een huwelijk in Brugge, en alles volgt

Die route is geen commercieel toeval, ze rust op een alliantie. In 1430 huwt Isabella van Portugal, dochter van koning João I, met Filips de Goede, hertog van Bourgondië — op dat huwelijksfeest in Brugge wordt de Orde van het Gulden Vlies gesticht. Het koninkrijk Portugal en de Bourgondische landen worden familie; de kooplieden volgen.

Brugse kooplieden die Madeirees worden

Ze kopen niet enkel van op afstand: ze vestigen zich. Maerten Lem, koopman uit Brugge, komt in 1450 in Lissabon aan met een aanbevelingsbrief van Isabella van Portugal zelf. Hij maakt fortuin met kurk en suiker en keert in 1466 naar Brugge terug; zijn zoon Martim Leme vestigt zich in 1470 op Madeira.

Twintig jaar later komt er nog een: Jean Esmenault, geboren in Béthune in het Bourgondische Artesië, in dienst van het Brugse handelshuis Despars. Hij zet in 1480 voet aan wal, begint in 1490 voor eigen rekening en heet in de Portugese registers voortaan João Esmeraldo. De Vlaamse naam loste op in de taal van het eiland, zoals suiker in water.

Betaald in schilderijen

Het verrassendst is wat de omgekeerde weg aflegde. De handelaren van Madeira haalden niet alleen geld binnen: ze ruilden hun suiker voor Vlaams werk. Beschilderde panelen, retabels, beeldhouwwerk uit Mechelen en Antwerpen, zilversmeedkunst — het vertrok allemaal uit Vlaanderen naar een eiland in de Atlantische Oceaan, omdat het riet er goed groeide.

Daarom bewaart een klein Portugees eiland vandaag een van de meest verrassende verzamelingen Vlaamse schilderkunst die er bestaan, samengebracht in het museum voor religieuze kunst van Funchal. Die schilderijen zijn, letterlijk, suiker die kleur is geworden.

Wat die suiker mogelijk maakte

Terwijl de kegels naar het noorden voeren, bleef er suiker in Portugal. En die kwam in de kloosters terecht, waar men al over een andere grondstof in overvloed beschikte: eierdooiers, die overbleven omdat het eiwit diende om wijn te klaren en kleding te stijven. Suiker en dooiers: in die ontmoeting zit de hele Portugese kloosterpatisserie vervat.

Suiker wordt er trouwens een precisie-instrument. De zusters wogen hem niet: ze kookten hem en beoordeelden hem met de vingers, in opeenvolgende suikerpunten, van draad tot harde breuk. Daarvoor moest het product vertrouwd genoeg zijn geworden om het zo, met de hand en zonder thermometer, te kunnen lezen.

Bij ons, in Brussel

Aan dat idee denken we graag terwijl we onze pastéis de nata maken, waarvan de crème niet meer is dan dooiers, suiker en kaneel: de route die Funchal met de Vlaamse havens verbond, is van ver ook de route die de Portugese patisserie uiteindelijk tot hier heeft gebracht. Vroeger reisde de suiker in kegels; vandaag staat hij in de toonbank, in de Tongerenstraat in Etterbeek, in Stokkel, in Ukkel en in Waterloo. Kom kijken in een van onze vier Brusselse winkels.

Foto: Dr. Thomas Liptak, via Wikimedia Commons, licentie CC BY-SA 4.0.

Ontdek onze ambachtelijke gebakjes in onze winkels in Brussel of bestel online.

Nu bestellen Onze foodtruck voor uw evenementen Onze winkels
Laden…
Naar boven